Daan

dinsdag 3 april 2012

Doerak

Acht, bijna negen jaar geleden, was ik jarig. We hadden nog geen kinderen en onze verjaardagen werden altijd groots gevierd. Bijna niemand binnen onze vriendengroep van toen, had kinderen, dus er hoefde geen oppas geregeld te worden, het feest kon tot in de vroege uurtjes doorgaan en de drank (met of zonder alcohol) vloeide rijkelijk. De volgende dag sliepen we een gat in de dag, rolden duf uit ons bed, omdat onze honden voor de tigste keer hun neus onder het dekbed hadden geduwd om te vragen of we al wakker waren en om te melden dat ze het echt bijna niet meer op konden houden. We gingen een eind met de honden lopen en ruimden vervolgens de resten van ons feest op. Zoals bij iedere verjaardag, hoorden er ook kadootjes bij. En dat jaar had ik een bijzondere wens. Naar mijn idee was onze dierentuin ( twee honden en twee konijnen) nog niet groot genoeg en ik wilde dan ook erg graag uitbreiding. Mijn allergrootste wens was een poesje, een lief, klein babypoesje. Een lapjeskat. Maar om het symmetrisch en mooi gelijk met de overige dieren te houden, wilde ik er graag twee.

Bart had echter die behoefte aan uitbreiding niet en er was dan ook al flink gediscussiƫerd. Ik had al water bij de wijn gedaan en gezegd dat ik dan wel genoegen zou nemen met een poes. Als het dan wel een lapjeskat zou zijn. Maar Bart zwichtte niet. Tot die avond. Een vriendin kwam met een kattenreiskoffer aan, als kado. Mocht Bart zich nog bedenken, dan had ik dat alvast. En het was ook om Bart een beetje op stang te jagen. En ik? Ik geloofde het ook nog! Klokslag middernacht, zong iedereen 'lang zal ze leven' voor mij en kreeg ik van mijn allerliefste man, mijn verjaardagskado. Jullie raden het al. Ik kreeg een lapjeskat. En omdat hij zo moeilijk kon kiezen, kreeg ik ook haar broertje nog. De volgende dag mocht ik ze knuffelen, twee piepkleine kittens. Doerak en Bandiet hadden hun intrede gedaan in ons leven. Kort nadat ze bij ons zijn komen wonen, ontdekte ik dat ik zwanger was van Gijs, dus mocht manlief meteen negen maanden lang de kattenbak van 'mijn' katten verschonen.

En nu zijn we bijna negen jaar verder.....ik schrijf dit terwijl de tranen over mijn wangen rollen. Gisteren heb ik mijn allerliefste Doerak in laten slapen. Inmiddels was het allang niet meer alleen mijn kat. Drakkie, was net zo geliefd bij Bart. Ons lieve poezenmeisje is er niet meer. Doerak had een speciaal plekje in mijn hart. Zo'n lieve, aanhankelijke kat. Iedere avond lag ze luid spinnend en snorrend op mijn schoot. Hoe warmer ik het kreeg, hoe meer ze zich nog eens goed nestelde. Ik vond het zielig haar eraf te moeten zetten en nam de kramp in mijn kuit voor lief. Tijdens de zwangerschap van Gijs en Daan, heeft ze bijna iedere nacht, op mijn dikke, zwangere buik gelegen. Doerak praatte tegen me. Als ik haar riep, antwoordde ze altijd met een 'prrrrrt'. Liep ik langs haar, als ze lag te slapen, dan draaide ze op haar rug om geaaid te worden en als ze al op de bank lag en ik ging aan de andere kant zitten, dan stond ze op en kwam bij mij liggen.

Het is altijd verdrietig als een huisdier doodgaat. Ze horen tenslotte bij je gezin. Voor ons zijn onze huisdieren volwaardige gezinsleden en wij willen dan ook dat ze niks tekort komen. Maar met de dood van Doerak speelt er meer dan alleen gemis en verdriet. Zo'n zes jaar geleden is er heel veel gebeurd in ons leven. We hebben een erg heftige tijd doorgemaakt rondom Bart zijn zaak, we kregen erg slecht nieuws te horen over Daan en we gingen toen een erg onzekere toekomst tegemoet. In deze zware periode zijn we Bandiet, het lieve broertje van Doerak, en Vlegel (een zwerfpoes die bij ons was aankomen lopen) kwijt geraakt. Beide zijn op een ochtend (een week na elkaar) weggelopen en nooit meer terug gekomen. We hebben overal gezocht, flyers opgehangen en uitgedeeld, door de wijk gelopen, gefietst. Avond aan avond, dag na dag. Maanden naderhand had ik nog steeds de hoop dat we Bandiet en Vlegel terug zouden vinden. Iedere keer als ik verdrietig was, kwam Doerak bij me liggen, gaf me kopjes en troostte me op haar manier.

Daarom was ik op Doerak extra 'zuinig'. Ik moest er niet aan denken haar ook kwijt te raken. Zij was mijn mooie herinnering aan ons leven zonder zorgen. Aan die ene avond waarop ik joelend en springend de kamer door ben gegaan. Juichend en blij dat ik een lapjeskat kreeg. Zij was mijn troost als ik verdrietig was en als ze me dan spinnend aankeek, dan leek het alsof ze wilde zeggen 'ik ben er voor je'. Voor haar liep ik middenin een koude winternacht, in mijn nachthemd en Bart zijn te grote laarzen, over straat, want ze was 's avonds laat naar buiten geglipt en ik kon niet slapen als ik wist dat ze buiten rondliep. Voor haar joeg ik andere katten weg, als ik ze 's avonds hoorde grommen en blazen.

En nu....nu is ze er niet meer. Ze is binnen een week zo erg ziek geworden van iets, dat er gisteren nauwelijk nog sprake was van een poes. Zo gauw ik haar aaide, draaide ze zich met haar rug naar me toe. Ze keek me vragend aan en liet haar kopje hangen. Ik heb gehuild en gesmeekt of ze alsjeblief weer iets wilde eten. Ik wilde haar nog niet laten gaan. Het bloedonderzoek wees ook uit dat er lichamelijk niks aan de hand was. Ik had haar zo graag oud zien worden, een oud, spinnend katje. Tevreden snorrend op mijn schoot. Helaas hebben we gisteren anders moeten beslissen. Maar het doet zo'n pijn!

Ik pak automatisch drie bakjes eten, ik denk dat ik ze nog steeds zachtjes hoor miauwen, dus kijk ik in de kelderkast of ze misschien opgesloten zit. Ik ga op een stoel zitten, maar voel eerst of ze er niet op ligt te slapen. Alle plekjes waar ze zo tevreden kon liggen slapen, ben ik vandaag al tegen gekomen. Maar ze ligt er niet. Doerak zit niet voor het keukenraam als ik aan kom rijden met de auto. Doerak komt me niet begroeten als ik thuiskom. Doerak wandelt niet met me mee, als ik Kwispel uitlaat. En 's avonds blijft mijn schoot koud. Ik mis het aaien over haar zachte vachtje. Haar 'lachende' mondje als ze op haar rug ligt te slapen. Ik mis haar nu ik achter de pc zit, Doerak kwam namelijk altijd voor het beeld staan. 'Ben ik in beeld?'

Ook Gijs en Juul zijn erg verdrietig. Gijs vroeg of we een mooie plant konden planten voor Doerak. Hij had een tekening voor haar gemaakt en wilde deze nog graag aan haar geven. Intens verdrietig barstte hij in huilen uit. Wat moest hij nu doen met de tekening? Toen we vanmorgen thuiskwamen, deed Juul de voordeur open en vroeg waar is Doerak? Ook zij was gehecht aan ons Drakkie. Op mijn antwoord dat Doerak er niet meer is, vroeg ze of Doerak alsjeblief nog een keertje terug mocht komen. Op zulke momenten weet ik me nog net groot te houden, maar zo gauw ik iets teveel aan haar denk, vloeien bij mij de tranen ook weer. Het zal vast slijten, de rauwe kantjes gaan er vanaf, het gemis zal echter blijven. Met Doerak heb ik namelijk niet alleen een ontzettend lieve poes verloren, ik heb ook afscheid moeten nemen van een stukje van mijzelf. Het onbezorgde leven van toen, zonder die harde levenslessen, die zorgen die we hebben gehad en die ons nog te wachten staan is een herinnering geworden. Doerak was het enige tastbare daarvan, het onzichtbare lijntje is doorgesneden. Weg..

Lieve Doerak, bedankt dat je er voor me was. Me kopjes hebt gegeven op de momenten dat het zo ontzettend nodig was. Al die dode of halfdode muisjes die je me hebt gebracht. En vooral bedankt voor het mogen aaien van je lieve vacht. Je ontspannende gesnor, hebben mij geholpen om mijn zorgen even te doen vergeten en alleen maar te genieten van jouw tevreden gespin. Ik zal je missen!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten